kardoen

De opkweek van kardoen verloopt probleemloos wanneer u de plantjes een warme licht plaats geeft.

Kardoen is een prachtige plant die zelfs in de siertuin niet misstaat. Van de eetbare bladstelen bereidt u een koningsmaal!

Kardoen behoort, evenals artisjok, tot de distels. Geen angst, ze steken niet echt want ze hebben ongevaarlijke zachte stekels. Kardoen is een reusachtige, sierlijke plant. Hij heeft in de tuin een exotische uitstraling. Solitair of in kleine groepen bij elkaar geplant geven kardoenplanten het aardigste effect. U zou het gewoon een keer moeten proberen, maar in de tuin van de echte fijnproever mag deze blikvanger die tegelijkertijd een delicatesse is, niet ontbreken! Kardoen is oorspronkelijk afkomstig uit het Middellandse Zeegebied. De planten zijn in principe meerjarig. Ze zijn echter niet bestand tegen de winter. Daarom moeten ze tegen de kou worden beschermd of u moet kiezen voor een eenjarige teelt en ieder voorjaar opnieuw zaaien. Dat is in de moestuin meestal geen probleem; in de siertuin kunt u kardoen overhouden door de planten te bedekken met een dikke laag stro en afgevallen bladeren. Ze lopen dan ieder voorjaar opnieuw uit en vormen prachtig paarse bloemen. De planten zijn dan echter niet meer beschikt voor consumptie. - Kardoen vraagt een warme, zonnige beschutte plaats. Op een winderige plaatsen op natte grond groeien de planten te langzaam waardoor de bladstelen vezelig en bitter worden. - Alleen wanneer de planten voldoende plaats hebben is een goede ontwikkeling mogelijk. U moet ongeveer een vierkante meter per plant rekenen. Dat lijkt veel wanneer u de kleine plantjes uitplant. De lege ruimte tussen de plantjes kunt u gerust tijdelijk vullen met sla, koolrabi, radijs, spinazie, raapstelen of postelein. Tegen de tijd dat de kardoen alle beschikbare ruimte opeist, zijn de andere gewassen geoogst. - De grond moet rijk aan voedingsstoffen zijn want kardoen is een zeer sterke groeier. Maar daarom een plantgat van ongeveer 30 cm diep en een doorsnede van 50 cm. Woel de bodem goed los zodat overtollig water kan worden afgevoerd. Daarna wordt het plantgat gevuld met rotte stalmest eventueel vermengd met zelfgemaakt compost. Kardoen zult u zelf moeten zaaien want de plantjes zijn vrijwel nergens te koop. De rassenkeus is niet moeilijk; meestal wordt slechts een ras aangeboden onder de naam 'Kardoen' of 'Caron'. - Kardoen kan eind april, begin mei buiten worden gezaaid direct op de plaats van bestemming. Maar omdat het groeiseizoen in ons klimaat voor deze reusachtige, warmteminnende plant erg kort is, kunt u beter in februari in de hobbykas voorzaaien. Vul potjes met een doorsnede van 10 cm met goede zaaigrond of zelfgemaakte compost. Daarna legt u in ieder potje 2 of 3 zaden die worden bedekt met ongeveer 1 cm grond. Tenslotte wordt de grond met de plantensproeier een beetje vochtig gemaakt en de potjes bedekt met plastic folie om de kieming vlot te laten verlopen. Zet de potjes op een warme plaats bij ongeveer 25į C. Zodra de eerste groene puntjes zichtbaar worden verhuizen de plantjes naar een iets koelere plaats waar ze volop licht krijgen. Zodra u goed kunt beoordelen welke het beste plantje in een potje is, wordt de slechtste verwijderd. Wanneer de plantjes groter worden en ze kunnen voorlopig nog niet buiten worden uitgeplant, geeft u ze een grotere pot. - In de tweede helft van mei - na de IJsheiligen - worden de plantjes buiten uitgeplant. U strooit wat bloedmeel om de groei te stimuleren en bedekt de grond meteen daarna met een mulchlaag van rotte mest of zelfgemaakte compost. Van eind juni tot half augustus spuit u eventueel wekelijks met brandnetelgier als aanvullende bemesting. In oktober kunt u oogsten. Ongeveer 3 weken voordat het zover is, omwikkelt u de planten met een jute zak, papier, karton of zwart plastic. Alleen de bovenkant van de bladeren steekt er nog boven uit. Daardoor worden de bladstelen gebleekt en lekker mals. - Alleen gebleekte stengels zijn lekker. Een goed ontwikkelde plant levert voor minstens 10 personen een uitstekende maaltijd. U kunt alle stelen ineens oogsten en eventueel een gedeelte invriezen. U kunt ook iedere keer een beetje oogsten waarbij u wel in de gaten moet houden dat de jonge stengels het lekkerst zijn. De laatste stengels moet u oogsten voordat het gaat vriezen. Voor het koken worden alle bladresten en vezeltjes van de bladstelen geschrapt. Daarbij schrapt u ook de buitenste harde laag eraf want die is bitter. De stengels worden in stukken gesneden op ongeveer 1,5 uur gekookt. De gaargekookte stengels kunt u opdienen met bijvoorbeeld geraspte kaas of een tomatensausje. kardoen kweken hobbykas




Sitemap

Gouden tips wedstrijd Groei & Bloei magazine 25/03/2016

Irma Tap is de winnares van de ACD Prestige Piccolo kas!

Kook volgens de 80/20 regel! 18/06/2014

Een sterrenchef uit Nederland, Niven Kunz, is fervent gebruiker van groenten in zijn gerechten. Dat doet hij al sinds hij zijn ster kreeg, 10 jaar geleden.

ACD kassen: Kas, tuinkas, kweekkas, tunnelkas