groentetuin

De groentetuin in april

Wat maart niet wil, dat volgt in april

Niemand die normaal gezien beter het weer volgt dan een volkstuinder. Misschien schrijven we, gezien het toch wel veranderende klimaatbeeld, in de (nabije) toekomst de tuinwerkzaamheden voor april uit voor maart. Want hogere temperaturen vormen weliswaar een invloedrijke factor op het vervroegen van het zaai- en plantseizoen in onze groentetuin en bijgevolg vroegere groeimogelijkheden, maar daarom ontsnappen we wellicht niet aan vele of zelfs meer liters regen. Dus blijven we koud en warm glas of een folietunnel als zelfregulerende tuinopportuniteiten aanprijzen. Het is evenwel zo dat vanaf april de koude bak stilaan ingeruild mag worden voor de volle grond. Waar nodig bemesten we. Alles hangt af van het type groenten dat we op bepaalde plaatsen willen verbouwen. Erwten en bonen bijvoorbeeld houden niet van zwaar bemeste grond. Ze staan beter op een plaats waar vorig jaar het laatst stevig werd gemest. Op plekken waar we kolen willen planten, is extra bemesting nodig.

Aan de slag in onze groentetuin in april.

De zaai- en plantmogelijkheden dwingen ons allicht tot het maken van keuzes: inmaak- en bewaarajuin, koolsoorten als bloemkool, broccoli, krulkool, rode kool, savooikool, spruitkool en witte kool, erwten, kervel, keukenrapen, mol- en raketsla naast de gekende slasoorten, pastinaak, (wortel)peterselie, prei, radijs, rode biet, schorseneren, bleek- en knolselder, snijandijvie, snijbiet en snijselder, spinazie, wortelen en zuring. Andijvie, artisjok, augurken, bonen, courgette, komkommer, koolrabi, meloen, pompoen en patisson plus postelein verkiezen op dit moment nog (warm) glas, venkel plus wit- en roodloof aarden pas later in het tuinjaar. Zo zijn er ook algemene weetjes die zo goed als wetmatigheden kunnen genoemd worden. Zeker als ons klimaat naar warmer en misschien droger neigt. Een voorbeeld. De wortels van jonge planten zitten slechts heel ondiep in de grond. Als het bovenste bodemlaagje uitdroogt, moeten we er bij zonnig-droog weer als de kippen bij zijn om water te geven. Groenten als kool en andere hebben de minste last van zonnestress bij het 's avonds planten. Daarna stevig begieten brengt de plantenwortels goed in contact met de grond. Tal van zaaiingen die in april opkomen, beginnen elkaar in de rij of op het zaaibed snel te verdrukken. Uitdunnen is de boodschap. Wacht daar niet te lang mee, omdat de plantenwortels rap in elkaar groeien en het individueel uitdunnen dan veel moeizamer verloopt. Ideaal is het om uit te dunnen zodra we de plantjes goed kunnen vastpakken, dat wil zeggen als ze zeker twee blaadjes hebben. Eet meer groenten

Trek? Pak gerust wat te eten

Koek en chocolade zijn geliefde prooien. Maar die ultrasnelle koolhydraten peppen het energiepeil slechts tijdelijk op. Na de suikerpep volgt een nog vermoeider gevoel. De trek stillen met voedsel dat de bloedsuikerspiegel op peil brengt, zonder een berg suiker. Voedsel dat weinig calorien en veel kauwwerk en kostbare voedingsstoffen levert: dat zijn groenten. Snel gemaakt en makkelijk tussendoor gegeten. Vult de maag en levert een lading vitale stoffen die de vermoeidheid verdrijft. Weg trek, dat overtollige kilo's!

Teeltplan voor de groentetuin

- Rassenkeuze

Zoek de goede rassen bij de gewenste zaai- of planttijd. Voor een vroege uitzaai in maart of april kiest u vroege rassen. Kies ook rassen die resistent zijn tegen zoveel mogelijk ziekten.

- Voorzaaien en opkweek

Veel gewassen zoals tomaat en paprika worden al in maart in een hobbykas of tomatenkasje (Ontdek hier ons ruim aanbod tomatenkassen) voorgezaaid op een lichte, warme plaats (20 C). In de tweede helft van mei worden ze buiten uitgeplant. Andere gewassen zoals bijvoorbeeld kolen en sla kunnen worden voorgezaaid bij lagere temperaturen (15 C). Zij kunnen dan vanaf april buiten worden uitgeplant. De gewassen die al vroeg buiten worden uitgezaaid worden natuurlijk bij late vorst met folie beschermt tegen de kou. Zodra de vorst voorbij is wordt de folie weer verwijderd.

- Groeihoogte

De hoogste gewassen komen aan de noordkant van de tuin of het groentebed te staan. Zo nemen zij geen licht weg voor de lagere gewassen die aan de zuidkant staan.

- Afstand

Wanneer u combinatieteelt toepast wordt de afstand tussen de rijen anders dan in de tabel hieronder. Stel u doet een combinatieteelt met uien en peentjes om de peentjes te beschermen tegen de wortelvlieg. De rijafstand berekent u als volgt: de halve rijafstand voor de wortels (= 10 cm) plus de halve rijafstand voor de uien (= 15 cm), tesamen dus 25 cm. Op de plaats waar u de rij gaat zaaien spant u een lijntje zodat de rij netjes recht wordt ingezaaid. Dan maakt u met een cultivator de grond langs de lijn oppervlakkig los. De zaaigeul kunt u maken met een speciale vorentrekker, maar met de achterkant van de hark gaat het ook uitstekend. Leg de zaden vooral niet te dicht bij elkaar in de geul. Zaai zo dun mogelijk. Na het zaaien harkt u de geul dicht en drukt de grond een beetje aan.

- Randbeplanting

Aan de rand van het groentebed is het aardig om bloemen te zaaien. Bijvoorbeeld goudsbloemen, Oostindische kers of afrikaantjes. Een geurig kruid zoals dille kan worden gezaaid om de planten te beschermen tegen luis.

De belangrijkste groentesoorten

- Aardappel Planten: mei Oogsten: sept-okt Hoogte gewas: 75 cm Plantafstand: 75 x 40 cm - Andijvie Voorzaaien: maart-juni Zaaien in volle grond: juni-juli Planten: apri-aug Oogsten: juni-okt Hoogte gewas: 30 cm Plantafstand: 35 x 30 cm - Aubergine Voorzaaien bij 20 C: feb-maart Planten: mei-juni Oogsten: juli-sept Hoogte gewas: 80 cm Plantafstand: 70 x 50 cm - Bloemkool Voorzaaien bij 15 C: jan-apr Zaaien in vollegrond: apri-jul Planten: apr-juli Oogsten: juni-nov Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 60 x 60 cm - Boerenkool Zaaien in vollegrond: mei-juni Planten: juni-aug Oogsten: sept-feb Hoogte gewas: 60 cm Plantafstand: 60 x 50 cm - Bonen, stamstok Zaaien in vollegrond: mei-juni Oogsten: juli-sept Hoogte gewas: 50 cm / stamstokbonen: 250 cm Plantafstand: 50 x 12 cm / stamstokbonen: 150 x 20 cm - Broccoli Voorzaaien bij 15 C: feb-apr Zaaien in vollegrond: mei-juli Planten: mei-aug Oogsten: juli-okt Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 45 x 45 cm - Chinese kool Zaaien in vollegrond: juli-aug Oogsten: sept-okt Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 40 x 30 cm - Courgette Voorzaaien bij 20C: apr-mei Zaaien in vollegrond: mei Planten: mei-juni Oogsten: aug-okt Hoogte gewas: 80 cm Plantafstand: 90 x 90 cm - Erwten Voorzaaien: feb-maart Zaaien in vollegrond: maart-mei Planten: maart Oogsten: juni-juli Hoogte gewas: 30-50 cm / 250 cm Plantafstand: 40 x 3 cm / 120 x 5 cm - Knolselderij Voorzaaien bij 20C: feb-maart Voorzaaien bij 15C: maart-apr Planten: mei-juni Oogsten: okt-nov Hoogte gewas: 40 cm Plantafstand: 50 x 40 cm - Knolvenkel Voorzaaien bij 15C:apr-juni Zaaien in vollegrond: juni-juli Planten: mei-juli Oogsten: juli-okt Hoogte gewas: 60 cm Plantafstand: 40 x 20 cm - Komkommer Voorzaaien bij 20C: maart-apr Planten: mei-juni Oogsten: juli-sept Hoogte gewas: 200 cm Plantafstand: 100 x 40 cm - Koolrabi Voorzaaien bij 15C: febr-maart Zaaien in volle grond: maart-juli Planten: apr-aug Oogsten: juni-okt Hoogte gewas: 40 cm Plantafstand: 30 x 30 cm - Kroten Planten: apr-juli Oogsten: juli-okt Hoogte gewas: 35 cm Plantafstand: 30 x 10 cm - Paprika Voorzaaien bij 20C: feb-maart Planten: mei-juni Oogsten: aug-sept Hoogte gewas: 100 cm Plantafstand: 50 x 50 cm - Pluksla Voorzaaien bij 15C: feb-maart Zaaien in vollegrond: maart-aug Planten: maart-aug Oogsten: mei-okt Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 40 x 30 cm - Pompoen Voorzaaien bij 20C: apr-mei Zaaien in vollegrond: mei Planten: mei Oogsten: aug-sept Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 200 x 50 cm - Prei Voorzaaien bij 15C: jan-maart Zaaien in volle grond: maart-apr Planten: apr-juli Oogsten: juli-mei Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 40 x 15 cm - Raapstelen Zaaien in volle grond: maart-aug Oogsten: apr-okt Hoogte gewas: 20 cm Plantafstand: rijen op 10 cm - Radijs Zaaien in volle gron: maart-aug Oogsten: mei-sept Hoogte gewas: 15 cm Plantafstand: rijen op 10 cm - Rammenas Zaaien in vollegrond: maart-juli Oogsten: juni-nov Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 30 x 20 cm - Rode kool Voorzaaien bij 15C: feb-maart Planten: apr-mei Oogsten: juli-okt Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 50 x 55 cm - Roodlof Zaaien in volle grond: juli Oogsten: sept-dec Hoogte gewas: 30 cm Plantafstand: 30 x 30 cm - Savooikool Voorzaaien bij 15C: febr-maart Zaaien in volle grond: maart-mei Planten: maart-juli Oogsten: juni-nov Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 50 x 50 cm - Schorseneer Zaaien in volle grond: apr-mei Oogsten: okt-feb Hoogte gewas: 40 cm Plantafstand: 25 x 10 cm - Sla Voorzaaien bij 15C: feb-maart Zaaien in volle grond: maart-juli Planten: maart-aug Oogsten: mei-okt Hoogte gewas: 20 cm Plantafstand: 30 x 30 cm - Snijbiet, blad ribben Zaaien in volle grond: apr-juli Oogsten: juni-okt Hoogte gewas: 15 cm / 50 cm Plantafstand: 25 x 5 cm / 40 x 30 cm - Spinazie Zaaien in volle grond: feb-sept Oogsten: apr-okt Hoogte gewas: 15 cm Plantafstand: rijen op 10 cm - Spruitkool Voorzaaien bij 15C: feb-apr Zaaien in vollegrond: apr-mei Planten: mei-juni Oogsten: sept-febr Hoogte gewas: 75 cm Plantafstand: 75 x 65 cm - Suikermas Voorzaaien bij 20C: apr-mei Zaaien in vollegrond: mei Planten: mei Oogsten: aug-sept Hoogte gewas: 200 cm Plantafstand: 75 x 20 cm - Tomaat Voorzaaien bij 20C: maart Planten: mei-juni Oogsten: aug-okt Hoogte gewas: 150 cm Plantafstand: 70 x 40 cm - Tuinbonen Voorzaaien bij 15C: febr-maart Zaaien in volle grond: maart-apr Planten: maart Oogsten: juni-aug Hoogte gewas: 150 cm Plantafstand: 75 x 10 cm - Uien Zaaien in vollegrond: maart Planten: maart Oogsten: aug-sept Hoogte gewas: 40 cm Plantafstand: 30 x 10 cm - Veldsla Zaaien in vollegrond: au-sept Oogsten: nov-maart Hoogte gewas: 15 cm Plantafstand: 10 x 5 cm - Witlof, wortels, witte kropjes Zaaien in vollegrond: mei Planten: sept-jan Oogsten: sept-nov / okt-mei Hoogte gewas: 40 cm / 20 cm Plantafstand: 50 x 15 cm - Witte kool Voorzaaien bij 15C: feb-maart Zaaien in vollegrond: maart-apr Planten: apr-mei Oogsten: juli-okt Hoogte gewas: 50 cm Plantafstand: 60 x 50 cm - Wortelen, zomer winter Zaaien in volle grond: maart-juli / apri-mei Oogsten: juli-nov / sept-nov Hoogte gewas: 30 cm / 50 cm Plantafstand: rijen op 20 cm / 40 x 5 cm

Juiste bemesting voor de groentetuin

Een groentetuin wordt vaak overbemest.
Hoeveel bemesting een groentetuin nodig heeft is en blijft een lastige vraag. Een eenduidig antwoord is niet te geven. Er groeien namelijk diverse groentesoorten naast elkaar. Elk van deze gewassen heeft een bepaalde hoeveelheid voedsel nodig om optimaal te kunnen groeien. Omdat de bemesting vaak voor de gehele groentetuin wordt gegeven is de kans aanwezig dat sommige gewassen te veel en andere te weinig voedsel krijgen toegediend. Daarnaast is moeilijk te bepalen hoeveel voedsel het gewas aan de grond onttrokken heeft. Het is belangrijk om te weten hoeveel mest u toedient. Steeds meer worden we met onze neus op de feiten gedrukt van de gevolgen van overbemesting in land- en tuinbouw. Ook de groentetuin hobbyist speelt hierin een rol, zij het een kleine. Door overbemesting komt een deel van de meststoffen terecht in het grondwater. Vooral stikstof spoelt snel uit. Het grondwater wordt gebruikt voor de drinkwatervoorziening. Om het water geschikt te maken voor consumptie zijn dure technieken nodig om het water te ontdoen van allerlei verontreinigingen. In bepaalde streken van Nederland is het grondwater sterk verontreinigd met stikstof. Op sommige plaatsen is de situatie zo verslechterd dat zelfs het vee niet meer van dit grondwater mag drinken. Deze grondwaterputten zijn op last van de overheid gesloten. De professionele tuinders zijn door de geslaakte noodkreten al overgegaan op een gerichtere manier van bemesten. De toegediende hoeveelheid voedsel is gelijk aan de hoeveelheid die het gewas tijdens het groeiseizoen gebruikt heeft. De hoeveelheid voedsel die uitspoelt naar he grondwater is daardoor veel geringer. Het grondwater wordt minder belast. Omdat professionele tuinders grote percelen hebben met 1 of 2 gewassen, is het eenvoudiger uit te rekenen wat het gewas daadwerkelijk nodig heeft. Het kost de tuinder immers geld als een deel van het toegediende voedsel verloren gaat. Daarnaast vervuilt hij zijn eigen grondwater. Dit water heeft hij weer nodig om zijn land mee te beregenen. Als het water te sterk verontreinigd is kan hij het niet rechtstreeks op het land spuiten. Hij moet nu water afnemen van drinkwaterbedrijven. Dit kost geld, het gewas wordt duurder. Het mes snijdt dus aan twee kanten.
Vuistregels uit de biologische hoek
De biologische tuinders zijn al langer bezig met een milieuvriendelijke manier van tuinieren. Een voorbeeld: in de groentetuin mag niet meer dan 10 gram zuivere stikstof per vierkante meter per jaar toegediend worden. Deze regel lijkt gemakkelijker toe te passen dan in werkelijkheid het geval is. Niet iedere meststof immers bevat evenveel stikstof. Wilt u dus voldoen aan de bovengenoemde norm, dan moet u berekenen hoeveel stikstof er in de mest zit. Om er zeker van te zijn dat u niet te veel bemest, maakt u een schets van de groentetuin. U noteert per bed hoeveel mest gegeven is. Vermeld ook de datum erbij. Zo voorkomt u fouten. Grond die regelmatig met compost of verteerde stalmest bemest wordt beschikt al over meer stikstof. Een gift van 10 gr/m is dan al te veel. Na de oogst moet de hoeveelheid voeding die gebruikt is door het gewas aangevuld worden. Dit is lastig in te schatten. Immers, gewasresten die achter blijven verteren in de loop van het seizoen en verrijken dus de grond. Gemiddeld komt hierdoor 4 tot 6 gr/m zuivere stikstof terug in de grond. De hoeveelheid plantaardig materiaal die achter blijft in de grond is afhankelijk van de groentesoort. Erwten, stambonen en spruitjes geven veel oogstrestanten. In dit geval hoeft bij de volgende teelt op dit stuk grond nauwelijks bemest te worden. Dit geldt ook als de oogst niet wordt binnengehaald omdat de kwaliteit te wensen overlaat. Gebruik de schets ook om een vruchtwisselingsschema op te stellen voor een paar jaar. Ongeveer de helft van het opgenomen voedsel komt ten goede van de oogst. De overige hoeveelheid blijft in plantrestanten op het land achter. Dit geldt voor gewassen als bloemkool, witte kool, spinazie en selderij. Blijft ern na de oogst een geringe hoeveelheid plantenresten achter, dan moet een volledige bemesting gegeven worden. Deze komt overeen met de hoeveelheid die het gewas tijdens het groeiseizoen gebruikt heeft.
Het tijdstip is van belang
Dit is het geval bij groenten zoals sla, prei, radijs en koolrabi. Ook bij gewassen die in zijn geheel uit de grond worden gehaald. De eerste bemesting vindt dan vroeg in het voorjaar plaats. - voordat de eerste gewassen geplant of gezaaid worden - na de oogst als het gewas uit de grond wordt gehaald en u een ander gewas gaat planten - ook gewassen die een lang groeiseizoen hebben. Na de eerste bemesting vroeg in het voorjaar volgen nog 1 of 2 giften. Deze worden tijdens het groeiseizoen toegediend. Dit gebeurt onder andere bij rettich, kool en schorseneren. hobbykas




Sitemap

Gouden tips wedstrijd Groei & Bloei magazine 25/03/2016

Irma Tap is de winnares van de ACD Prestige Piccolo kas!

Kook volgens de 80/20 regel! 18/06/2014

Een sterrenchef uit Nederland, Niven Kunz, is fervent gebruiker van groenten in zijn gerechten. Dat doet hij al sinds hij zijn ster kreeg, 10 jaar geleden.

ACD kassen: Kas, tuinkas, kweekkas, tunnelkas